In the spotlights

Dagelijks wordt er hard gewerkt op de bouwplaats.
We zetten deze twee bouwers graag een keer in de spotlights.


Foto’s en tekst: Eurekalid en toekomstig bewoonster: Bernice Siewe.


Mokthar
“samenleven is goed”

Ik ben een soort klusjesman. Ik doe alles, bijna alles. Dat wil zeggen: opruimen, helpen.  Elke dag. We beginnen om 7 uur ‘s ochtends, tot ongeveer 4 uur in de middag. Ik heb alles, code, sleutels. Rond 5 uur ‘s ochtends sta ik op, In de winter was het nog donker. Ook toen ik weer naar huis ging was het weer donker. Nu is het mooi. Als ik opsta, worden de vogels ook wakker. ’s Avonds ga ik ongeveer half 10 of 10 uur naar bed.


Ik werk al zeven jaar voor De Geus. Ik woon samen met mijn vrouw. We hebben twee kinderen, maar ze zijn het huis uit. Vroeger, toen mijn vrouw nog werkte, stonden we samen op. Nu is ze met vroeg pensioen en drink ik ’s ochtends mijn koffie alleen. We wonen in Nieuw West, zes minuten met de auto naar hier. Het is mijn thuis. Ik woon al 30 jaar in hetzelfde huis. Een groot huis, omdat de kinderen bij ons woonden. Het is nu te groot.  Er wordt nieuwbouw gemaakt waar we naartoe gaan. Misschien dit jaar. Dat is fijn. Ons huis is echt heel oud, geen isolatie. Het nieuwe huis is kleiner, maar dat is ok.


Ik was bij de opening toen de eerste paal van dit gebouw werd geslagen. Het gebouw is niet veel anders dan dat we altijd bouwen. Het is heel gewoon. Wel dat er veel gemeenschappelijke ruimtes komen. Dat is anders. Samen leven is altijd goed, dat hebben wij nodig op dit moment. Dat zien wij nu nooit meer. Nergens meer. Ook niet waar ik woon, nee, absoluut niet. Jammer.

 
Ik ben in Amsterdam-Oost opgegroeid. In 1975 ben ik naar Nederland gekomen. Toen was het heel anders. Het is moeilijker nu. Maar niet alleen in Nederland, hoor. De hele wereld is anders, harder. 
Nee, ik heb er nooit over gedacht dat ik hier ook zou kunnen wonen. We krijgen die nieuwbouw van Stadgenoot. Het zou wel leuk zijn. Ik ken het hele gebouw, ja. Elke ruimte, elk metertje.

 
Ik ben geboren in Turkije. Tot mijn negende jaar heb ik daar gewoond. Toen met mijn moeder hier naartoe gekomen. Mijn vader was er al vanaf 1964. Ik kom uit Yozgat, dat ligt in het midden van Turkije, vlakbij de hoofdstad Ankara. Yozgat is een stad, maar ik woonde in een dorp er dichtbij. Nu heb ik ook een huis in Izmir, aan de kust. Daar ging ik om de twee, drie jaar naar toe. De laatste vijf jaar zijn we wel twee keer per jaar gegaan. We hebben niet veel familie meer in ons oude dorp. Iedereen is hier of ergens anders in
Europa. Mijn ouders zijn overleden. Mijn vader heeft altijd gewerkt. Mijn moeder was gewoon thuis. Tijdens de eerste maand van zijn pensioen, is mijn vader overleden. Dat was wel zielig. Hij was nog maar net 65. Hij heeft in een metaalfabriek in Zaandam gewerkt. Zwaar werk. Mijn moeder is 86 geworden. Ze woonde twee straatjes verder. Ik was iedere dag bij haar. Zij hebben wel een goed leven gehad, zou ik zeggen.


Marius
“Roemenen zijn onbevreesd maar niet dom”

“Ik kom uit Constanta aan de Zwarte Zee in Roemenië.
Na de omwenteling van 1989 was het een mooie tijd, maar nu niet meer. Daarom zijn we hier. Ik werkte als elektricien, maar met wat ik verdiende, konden we niet rondkomen. In de supermarkt betaal je dezelfde prijzen als hier. Dus ja…. We zijn het armste land van de EU, maar niemand weet het. 
Ik spreek goed Engels en ook Spaans en Frans. Ik vind het leuk om te leren, haha, daarom dus. Op school kon je kiezen tussen Russisch of Frans, en ik koos voor Frans.
Engels leerde ik toen ik bij de overheid werkte, dat moest toen. Spaans is makkelijk voor ons, omdat het ook een Latijnse taal is.


Ik ben hier sinds 2018. Tussendoor heb ik een paar jaar een pauze genomen omdat ik het niet leuk vond, maar vanaf 2021 ben ik hier weer. Meestal gaat het zo dat ik ongeveer twee tot drie maanden werk en dan een maand naar Roemenië ga. Zoals ook bij dit project; je werkt een paar maanden tot het werk is afgelopen en dan ga je verder. Ik ben elektricien. Mijn oudste zoon trouwens ook.
We wonen nu in Gouda. Je weet wel van de kaas. Het huis wordt ter beschikking gesteld door het bedrijf waar we nu voor werken. Dat bureau vindt projecten voor ons. Ze regelen ook een auto en een ziektekostenverzekering. 
Het is een goed huis, normaal. We hebben een normaal salaris, net als iedereen hier. Soms kom je in een slecht huis terecht. Dat is meestal gedaan door de mensen die er daarvoor woonden. Er zijn mensen die drinken, ze maken ruzie, ze vernielen dingen, en dan ga je in dat huis wonen en kom je erachter dat het een ramp is. Je wacht tot er iemand van het bureau komt kijken, en ja, zij repareren het dan.
We hebben met ons vieren een groot huis met zes slaapkamers. We willen privacy, we zijn
ver van huis, we moeten met onze vrouw kunnen praten, met onze kinderen. Ik ben getrouwd en heb een zoon. Hij is 25 jaar oud. Hij werkt hier, bij mij. En ik heb een zoon van zeven. die woont bij mijn vrouw in Roemenië.  Ik denk erover om ze hier naar toe te halen, maar ik weet het niet zeker. Mijn zoon heeft vrienden op school en alles, en het zal moeilijk voor hem worden. Maar ik denk ook dat hij hier een beter leven heeft. 


Dit gebouw is net als elk ander gebouw, er is niets anders. De elektriciteit is ook niet anders. Ja, ik weet dat een groep mensen dit gebouw met 100 appartementen gaat neerzetten. Voor tien of vijftien van hen zal het een moeilijke tijd worden en zullen er problemen met het geld ontstaan. Wat gebeurt er dan? Ik denk dat op elke verdieping bv één appartement, het niet zal lukken om te verhuren, maar ik weet het niet. Het kan me niet echt schelen, ik moet het bouwen, dus ja, het is niet mijn probleem.
Ik wist niet dat de mensen die hier gaan wonen veel met elkaar willen gaan doen. Het is hun keuze. Het is een mooi project, een mooi gebouw! 


Als elektricien is het fijn dat ze met prefab muren werken die omhoog kunnen klappen.
Dan hoeven we niet zoveel zelf te boren. Want in beton duurt het langer, als je de electra moet maken. Als je muren omhoog klapt, heb je hier een gat en daarboven steek je de draden erin om de verbinding te maken en de installatie is klaar. Het is ook veiliger werken.
Amsterdam? Als ik om zes of zeven uur ‘s ochtends naar mijn werk ga en ik zie hoeveel afval er op straat ligt …. . Ik zou dus niet in Amsterdam willen wonen. Ik voel me beter in Gouda, we hebben een tuin en een barbecue, we hebben geen buren. En wel parkeerplaatsen voor onze auto’s. Het is beter om in een kleine stad of dorp te blijven, het is er rustiger en ‘s ochtends word ik wakker en … je hoort de vogels, dus het is heel ontspannend.


Voor de toekomst van mijn kleine zoon denk ik wel dat het hier beter zal zijn. Voor hem is het niet meer zoals vroeger met Ceaușescu. De leraren op school zijn niet meer zoals vroeger. Ze hebben geen vreugde om kinderen les te geven, het lijkt erop alsof ze van een andere planeet komen. Het is allemaal blablabla, net als een robot, je leert helemaal niets, dus ik denk dat het hier beter is op school en ook met het gezondheidssysteem.
Als het gebouw klaar is, is mijn werk klaar . Ik denk niet dat ik jullie op ga zoeken. Ik zie nu hoe het wordt, elke dag. Dus waarom zou ik jullie bezoeken? Maar voor een feestje zou ik wel komen …


Over mijn tattoos. Dit is de weg van het leven en aan het eind staat de dood.
Wij, mensen van de Balkan, wij denken niet over de dood. Niet zo van, oh .. daar kan ik dood van gaan. Natuurlijk, wij weten dat we dood gaan, maar we zijn er niet bang voor. Als je dood gaat, ga je dood. En ook, er is geen leven na de dood.
Ik ben niet religieus. Als ik verhalen hoor die volgens mij niet mogelijk zijn, dan kan ik niet geloven. Dat bedoel ik met Rumenian style: fearless. We zijn niet bang om dingen te zeggen. Veel mensen zeggen dat ze geloven. Maar dan zie ik ze drinken, roken en andere stomme dingen doen. Dan vind ik het wel heel makkelijk om te zeggen dat je gelooft.
We zijn fearless, maar we denken ook na …